



M. (18 jaar) groeide op in Somalië, op het droge platteland ten noordoosten van de hoofdstad Mogadishu. Een heel verschil met de Kempen, waar hij nu al twee jaar leeft. Hij woont zelfstandig, op studiotraining. M. gaat naar school en krijgt de Nederlandse taal al aardig onder de knie. Hij hoeft niet op te vallen maar met zijn gulle lach springt hij eruit. Muziek zet hem in beweging. Hij houdt van Afrikaanse ritmes: daar kan hij zijn energie op kwijt. Dat hoeft niet voor een publiek, maar misschien…
Marijke danst door het leven. Letterlijk. Op het podium leeft ze zich uit in danstheater – het resultaat van een uit de hand gelopen hobby. Daarnaast gebruikt ze dans ook in haar werk als integratief en creatief therapeute. Haar vak is verstrengeld met beweging: ze peilt naar innerlijke belevingen en processen, en hanteert daarbij de dans als taal. Ze laat zich inspireren door de principes van de Japanse Butoh-dans en die danstaal wil ze nu ook artistiek inzetten.
M. en Marijke ontmoeten elkaar in de danszaal. De tengere Marijke is de fysieke tegenpool van de rijzige M. maar van dat contrast maken ze hun sterkte. Ze voeren een gesprek in bewegingen: Marijke nodigt uit, M. doet een tegenvoorstel, samen verkennen ze een ritme.